Een nestkast voor mezen ophangen is een van de makkelijkste manieren om mezensoorten zoals de koolmees en pimpelmees te helpen broeden. De vlieggat-diameter bepaalt welke mezensoort je aantrekt: 32 mm voor de koolmees, 28 mm voor de pimpelmees. Kies je de verkeerde maat, dan trekt de kast simpelweg de verkeerde huurder aan.

Welk vlieggatformaat past bij welke mezensoort?

Mezen zijn kieskeurig over de ingang van hun nestkast. Een te groot gat laat ongewenste bezoekers binnen, zoals spreeuwen of mussen, die de mees verdringen. Een te klein gat sluit de beoogde soort juist buiten. Dit zijn de meest gebruikte maten:

  • Koolmees: vlieggat van 32 mm
  • Pimpelmees: vlieggat van 28 mm
  • Matkees en glanskop: vlieggat van 28 mm

Een millimeter of twee maakt hier echt verschil. Zaag het vlieggat zo precies mogelijk, of gebruik een centerboor voor een nette ronde opening. Een slordig gezaagd gat kan de kast ongeschikt maken omdat ruwe randen de vogel kunnen verwonden of andere soorten uitnodigen.

Maten van de nestkast zelf

Naast het vlieggat tellen ook de binnenafmetingen mee. Een te kleine kast biedt geen ruimte voor een volledig nest met jongen, een te grote kast tocht en geeft minder beschutting. Voor koolmees en pimpelmees gelden deze richtlijnen:

  • Bodem: ongeveer 12 x 12 cm
  • Hoogte binnenwerk: circa 20 tot 25 cm
  • Afstand vlieggat tot bodem: minimaal 14 cm (zodat de jongen niet te snel uitvallen)

Gebruik onbehandeld hout van minimaal 18 mm dik. Behandeld hout, met verf of beits, kan schadelijk zijn voor jonge vogels. Vurenhout of multiplex houtvezel werkt goed. Laat de binnenkant ruw; een gladde binnenwand maakt het voor de jongen moeilijk om omhoog te klimmen als ze uitvliegen.

De beste plek voor een nestkast voor mezen

Hang de kast op een hoogte van 1,5 tot 4 meter, uit de directe wind en regen. Een oost- of noordoostgerichte positie werkt het best: zo slaat de zon in de ochtend even op het gat (warm genoeg voor de mees), maar warmt de kast in de namiddag niet te sterk op. Directe zuidwestzon kan de kast in de zomer gevaarlijk heet maken voor jonge vogels.

Houd de kast vrij van struiken en takken vlak voor het vlieggat. Mezen willen een vrije aanvliegroute. Kijk ook of er geen katten makkelijk bij kunnen: een kale stam of een gladde paal maakt dat al een stuk lastiger.

Zelf een nestkast voor de mees maken

Zelf een kast timmeren kost weinig materiaal en gereedschap. Een plank van 18 mm dik en 14 cm breed, ongeveer 1 meter lang, is genoeg voor één kast. Zaag de volgende stukken:

  • Achterwand (voor de bevestiging): 14 x 35 cm
  • Zijwanden: twee stuks, trapeziumvormig, zodat het dak schuin afloopt
  • Bodem: 12 x 12 cm, met een paar kleine gaten voor drainage
  • Voorkant: met het vlieggat op de juiste hoogte
  • Dak: iets groter dan de kast, zodat er een overhang ontstaat

Gebruik roestvrije schroeven of spijkers. Lijm werkt ook, maar schroeven houden langer. Maak het dak afneembaar, want na het broedseizoen (na september) spoel je de kast schoon met heet water, zonder zeep of ontsmettingsmiddel, zodat parasieten zoals vlooien en mijten geen kans krijgen in het volgende seizoen.

Wanneer hangt de mees in bij een nestkast?

Koolmezen en pimpelmezen beginnen al vroeg in het voorjaar met het verkennen van nestlocaties, soms al in februari of maart. De daadwerkelijke nestbouw start rond april, en de eerste eieren volgen meestal in april of mei. Hang de kast daarom het liefst in de herfst of winter. Dan heeft de mees de hele winter om de kast te leren kennen en hem als slaapplek te gebruiken. Een kast die vlak voor het broedseizoen omhoog gaat, wordt dat jaar vaak overgeslagen.

Heb je de kast al hangen maar wordt hij niet gebruikt? Controleer dan de oriëntatie (zit er te veel zon op?), de bevestigingshoogte en of er in de buurt een actieve kat rondloopt. Soms is het een kwestie van geduld: mezen in een nieuwe tuin hebben soms twee tot drie jaar nodig voor ze een kast accepteren.

Een nestkast voor mezen vraagt weinig investering, maar levert elk voorjaar een broedpaar op die ook nog eens nuttig is in de tuin: mezen verslinden enorme hoeveelheden rupsen en bladluizen. Een goed geplaatste kast met het juiste vlieggatformaat is de betrouwbaarste manier om ze elk jaar terug te krijgen.